Spring naar hoofd-inhoud

Bosboom wint eerste Haarlemse Meesters; normen voor De Jager en Brink

Enno Noordhoff | |   Haarlemse Meesters 2015 |   0 reacties

Manuel Bosboom is dankzij een betere SB-score winnaar geworden van de eerste editie van HWP Haarlemse Meesters. Hij deelde de eerste plaats met Jaap de Jager en Barry Brink, die niet maalden om die SB-punten omdat zij slaagden in hun missie, namelijk het scoren van een IM-norm.

De winnaars: Manuel Bosboom met de beker, geflankeerd door Barry Brink (links) en Jaap de Jager (foto: Zhaoqin Peng)

Alles was nog mogelijk in de laatste ronde van het Haarlemse Meesters Toernooi: vier gegadigden en er kon één winnaar zijn, maar er konden ook twee, drie of vier gelijk eindigen. Uiteindelijk won het trio Bosboom, De Jager en Brink met een score van 6 uit 9. Tot verdriet van Ilias van der Lende, die het hele toernooi goede kansen om (mede)winnaar te worden heeft gehad, maar in de tweede toernooihelft te veel punten liet liggen.

Drie partijen waren essentieel voor de eindstand. Jan Rooze - Jaap de Jager, Martin Molinaroli - Barry Brink en Ilias van der Lende - Manuel Bosboom. Aanvankelijk leek Ilias zeer gunstig te staan tegen Manuel, waardoor Jaap en Barry kans hadden gedeeld op de eerste twee plaatsen te komen. Een ongelooflijke ontknoping zou dat zijn, want beiden waren vrij desastreus aan het toernooi begonnen: Jaap met nul uit twee en Barry met 1 uit 4. Manuel was juist flitsend begonnen met 3,5 uit 4, maar de tweede helft verliep steeds moeizamer.

Vergelijk maar eens naar de scores in de eerste vier ronden met die in de ronden 5 t/m 9:

 

score

ronden 1 t/m 4

ronden 5 t/m 9

totaal-score

1 Manuel Bosboom

3,5

2,5

6,0

2. Jaap de Jager

2,0

4,0

6,0

3 Barry Brink

1,0

5,0

6,0

4 Ilias van der Lende

3,0

2,0

5,0

5 Lev Yankelevich

1,5

3,0

4,5

6 Maciej Klekowsky

2,5

2,0

4,5

7 Martin Molinaroli

2,0

2,0

4,0

8 Frank Erwich

2,0

1,5

3,5

9 Rob Duijn

1,0

2,0

3,0

10 Jan Rooze

1,0

1,5

2,5

De opmars van Barry Brink met 5 uit 5 verdient alle waardering: in een competitie met ongeveer een gemiddelde van Barry's rating is zo'n reeks overwinningen zeer zeldzaam. Hopelijk zet hij de reeks in een volgend toernooi door.

Hoe verliepen de partijen in de laatste ronde? Bij Brink ging het opmerkelijk soepel. Vanuit een rustige stelling, die zie je vaker bij hem, leek er weinig aan de hand, maar de slappe opzet van Molinaroli kwam maar niet tot zinnig spel. Zonder echte fouten kreeg Barry al een redelijk voordeel en de blunder op zet 29 bezorgde hem beslissend voordeel. Maar dat was van korte duur, Barry blunderde terug en had toen nog maar weinig voordeel. Dameruil door Martin werkte funest voor hem uit. In een viertoreneindspel met de actievere torens en een pluspion maakte zijn tegenstander het snel af.

Jaap de Jager wist dat Jan Rooze een beetje in de put zat. Die zat het in de tweede toernooihelft behoorlijk tegen waardoor hij geleidelijk op de laatste plaats was beland. Daar wilde hij natuurlijk iets aan doen en de partij bood hem daartoe alle kansen. Het werd een onoverzichtelijk mix van onbegrijpelijke zetten, waarin Jaap rond zet 20 groot voordeel had. Enigszins onnodig offerde hij zijn dame, omdat hij geen zin had haar in het stille hoekje van het bord op a8 te parkeren. Het voordeel werd daardoor minder groot, maar nog steeds voldoende voor de winst. Maar na een blunder van Jaap op zet 30 was zijn voordeel verdwenen en kon de Belg zich opmaken voor het verlaten van de laatste plaats. Dit resulteerde in de volgende stelling om en bij de eerste tijdcontrole:


 
Rooze-De Jager na 41 Dxe5

Wit is licht in het voordeel, maar dat hem wacht nog een zware taak wacht om het volle punt binnen te halen, is duidelijk, maar verliezen is weer een heel ander verhaal. Vanuit de diagramstelling geschiedde 41 .. Txa4 42 h4 Ka6? (nu heeft wit beslissend voordeel) 43 De2+ Kb7 44 h5? (beter 44 Dd1) 44 .. Tb4 45 h6?! a4 46 Dd2 Tb1+ 47 Kh2 Ka6? (nu heeft wit weer beslissend voordeel) 48 Dxf4 Kb5 49 g4 a3 50 Db8+?! Kc4 51 Dxa7 Tb2+ 52 Kg3 Tb3+ 53 Kf4 Lb1?
Na deze ondoorgrondelijke zettenreeks was deze stelling ontstaan:


 
Rooze-De Jager na 53 .. Lb1

In plaats van de partij nu te beslissen met 54 h7 Lxh7 55 Dxh7 beging de witspeler met 54 Ke5? een fout en daar bleef het niet bij: 54 .. Kc3 55 h7? (hierna staat het gelijk) 55 .. Lxh7 56 Dxh7 a2 57 Kxa6 Tb1 en wit verloor door tijdsoverschrijding in een inmiddels verloren stand.

Niet minder gecompliceerd was het middenspel bij Ilias Van der Lende en Manuel Bosboom. Ilias zette een Konings-Indiër op die hij alleen maar 'lekker wilde uitmelken'. Maar dan ben je bij Manuel aan het verkeerde adres. Toch begon Ilias met groot voordeel, omdat Manuel totaal verkeerd reageerde op de centrumopstoot met c4-c5. Ilias had de keuze uit drie damezetten en koos met 19 Da4 voor de minder overtuigende voortzetting, al restte Manuel niet veel meer dan vissen in troebel water. Dat water was wits op het oog weinig bedreigde koningsstelling:

Van der Lende-Bosboom na 25 f4

In deze voor zwart amper te redden stelling was het na afloop genieten om te zien welke trucs Bosboom in zijn arsenaal heeft. Al moest hij wel toegeven dat zwart weinig te vertellen heeft bij correct spel. De partij werd krankzinnig vervolgd met: 25 .. g5 (de falanx g3-f4 moet gebroken worden) 26 e5 Tg6? 27 Lb6? (27 f5 wint, nu raken wits dame en loper buiten spel) 27 .. Pxf4 (spectaculair maar Pxb6 was sterker) 28 gf4 gf4+ 29 Kh2 Pxb6 30 Dxb6 De7?! (beter .. Dxb6 31 ab6 f3 en zwart heeft nog schwindlekansen) 31 Pe4? (31 Df2 wint)

In gewonnen stelling en nog kanshebber voor de (gedeelde) eindoverwinning wordt het spel van Ilias onverwacht onzeker. Zo ingewikkeld lijkt de verdediging van de witte koning toch niet? Na 31 .. f3 32 Pf6+ Kh8 volgde een waar foutenfestival: 33 Dd4?! Td8?! 34 Df4? Dc5 waarna zwart zelfs enigszins in het voordeel kwam. Er ontstond nog een interessant moment in een dubbel toreneindspel, de mode van deze dag:


 
Van der Lende-Bosboom na 43 Tb8

De partij is in rustiger vaarwater gekomen en remise lijkt voor de hand te liggen, maar Bosboom perste er nog een onlogisch foutje uit: 43 .. gh3? terwijl hij met 43 .. Txb2 44 a6 Th6 45 Txb7+ Txb7 46 ab7 Txh3+47 Kg2 Tb3 de remise had kunnen veiligstellen. Ilias had nu de winst voor het grijpen met 44 Txb7+ Kh6 45 Tg1?! (45 Tb3 is beter) .. c5? 46 Txg6 Kxg6 47 a6 Kf5 lijkt de zaak definitief bezegeld. Maar ja, toreneindspelen hebben zo hun geheimen:

Na 48 Tb3? (op zet 45 winnend) werd het een stuk minder eenvoudig om te winnen, zodat op zet 61 tot remise werd besloten. Vanuit het diagram heeft wit na het voor de hand liggende 48 a7 Td1+ 49 Kh2 Ta1 50 Te7 Ke4 51 Kxh3 Kf4 nog een hele klus voor de boeg, maar het zal ongetwijfeld winnen voor wit.

Rest nog te vermelden dat de hooggeratete Pool Maciej Klekowsky en Lev Yankelevich hun matige optreden in Haarlem met een winstpartij afsloten, waardoor ze beiden op een score van 50% kwamen. Klekowski had daarbij wel de hulp van Rob Duijn nodig, want die stond op een gegeven moment straal gewonnen. Jammer voor Rob, want hij was juist met een leuke serie van 2 uit 3 bezig, bewijzend dat hij toch thuishoort in dit schaakmilieu. Yankelevich won van een andere tegenvallende deelnemer: bij Frank Erwich was de pijp helemaal leeg, gezien zijn drie nederlagen in de laatste ronden.

De open groep A had een curieus slot: twee koplopers namen een bye op. Pieter Hopman moest in Duitsland spelen en Danny de Ruiter moest naar een concert van zijn vriendin. Dat bood Bart Gijswijt de kans met zijn geconcentreerde spel gedeeld met Hopman als eerste te eindigen. Op Sonneborn Berger werd Pieter als winnaar aangewezen, wat hem een plaats in de meestergroep van 2016 geeft. De opmerkelijkste prestatie was die van jeugdspeler Esper van Baar (hij is van 1999). Hij scoorde 6 uit 9 en won ruim 100 elopunten.

De open groep B werd ruim gewonnen door Rob Freer met 8 uit 9. Volgend jaar mag hij zijn kunsten vertonen in groep A.